Hoe is dat nu geregeld?
Met ingang van 1 augustus 2006 is het mogelijk dat een basisschool voor de bovenbouw en onderbouw gelijke lestijden gaat draaien van 940 uur per lesjaar. Een werkgever kan ook alles bij het oude laten. Dat heeft consequenties voor adv/compensatieverlof. De huidige adv-regeling kent met een normjaartaak van 1659 uur de mogelijkheid van een arbeidsduur van 1710 uur met 51 uur verlof en een arbeidsduur van 1790 uur met 131 uur verlof. Dat is mogelijk omdat in de onderbouw de leerlingen minstens 880 uur les dienen te krijgen en in de bovenbouw minstens 1000 uur. Anders gezegd: het systeem houdt in dat een werknemer meer werkt dan 1659 uur om vervolgens dat zelfde schooljaar de meer gewerkte uren als verlofuren op te nemen. Door de wetswijziging is dus de mogelijkheid geopend om alle leerlingen 940 lesuren per jaar te geven, waardoor met name de leerkrachten in de bovenbouw en leerkrachten in de onderbouw (die naast hun volledige lessentaak in de onderbouw bijvoorbeeld ook nog adv-vervulling in de bovenbouw deden) in de week minder lessen gaan draaien. Het aantal uren kunnen in deze situatie niet meer opgehoogd worden omdat de lestijd voor de leerlingen in de bovenbouw daadwerkelijk naar beneden is gebracht. Lesgeven aan kinderen die er niet zijn, is onmogelijk. Vandaar dat in die situatie de leerkracht (en) óf merken dat ze per dag minder lesuren draaien, óf indien gekozen wordt voor bijvoorbeeld het “hoornse” model één keer in de week een halve dag vrij zijn (vrijdagmiddag) afhankelijk van het aantal lesuren dat er in de week wordt gedraaid en niet meer zoals nu vrij op te nemen adv-dagen. Cao-partijen hebben afgesproken dat er in dat geval er recht betstaat op 2 vrij op te nemen snipperdagen. Daar waar de lestijden blijven zoals ze nu zijn, verandert de adv-regeling niet, maar noemen we het compensatieverlof: Een werknemer heeft recht op meer ingeroosterde uren dan de normjaartaak van 1659 uur met een maximum van de huidige 131 uur. Dit kunnen lesuren of niet-lesuren zijn. Deze uren kunnen in hele of halve dagen worden opgenomen in het schooljaar. Indien de bovenbouw 1010 lesuren zoals nu blijven ontvangen kan de huidige situatie van nu blijven gelden. Uw werkgever kan dus op grond van de nieuwe wet alles bij het oude laten maar hoeft dit niet te doen. De werkgever kan met een voorstel komen van 940 lesuren per jaar voor alle 8 schooljaren. Dit voorstel moet aan de medezeggenschapsraad worden voorgesteld. De ouders hebben een instemmingrecht over de schooltijden en het personeel een adviesrecht. Echter omdat andere schooltijden de arbeid- en rusttijden en de verlofregeling van de werknemers verandert, heeft het personeel instemmingsrecht via de PMR of PGMR. Indien de PMR deze bevoegdheid heeft overgedragen aan de PGMR dan zal de PGMR er over stemmen, anders gewoon de PMR van de school. Op deze manier kan het team van de school, via de PMR aangeven wel of niet akkoord te gaan met de verandering van de verlofregeling en arbeid- en rusttijden. Ook is het mogelijk om akkoord te gaan mits bijvoorbeeld het “hoornse model” wordt gehanteerd. Een rooster van 23,5 lesuren per week en vrijdagmiddag is de school dicht. De kinderen hebben vrij en het personeel van de school ook. Voorbeeldrooster: Ma di wo do vrij 5,5 5,5 3,5 5,5 3,5 lesuren = 23, 5 lesuren per week x 40 schoolweken = 940 lesuren. Bovenstaande betekent dat u als werknemer 940 lesuren staat ingeroosterd echter in de CAO stelt dat u recht heeft op 10 lesuren aan compensatie zodat u uiteindelijk gewoon 930 lesuren les geeft. In de toelichting op het akkoord is één en ander als volgt verwoord. Toelichting bij het onderwerp arbeidsduur van het onderhandelaarsakkoord CAO-PO Partijen zijn overeengekomen om in het artikel arbeidsduur in de CAO-PO twee situaties te schetsen: Situatie 1. De hele school draait 940 lesuren Op deze school draaien de mensen bij een fulltime aanstelling met les/contacturen 940 uur binnen hun normjaartaak van 1659 uur. Zij hebben 10 lesuren snippertijd wat neerkomt op 2 snipperdagen. Deze werknemers zullen in hun weektaak daadwerkelijk merken dat ze in vergelijking met nu minder uren maken, aangezien er geen overwerkmogelijkheden zijn tot 131 uur. Situatie 2. De school hanteert verschillende lestijden voor de groepen Dit is de situatie die nu op de meeste scholen voorkomt. Ook in deze situatie geldt de normjaartaak van 1659 uur. Echter, bij een maximum van 930 lesuren/contacturen die hoort bij een fulltime betrekking bestaat wel de mogelijkheid tot overwerken. Ook in lesgebonden/contacturen, er zijn immers nog lessen te geven aan de leerlingen. In die gevallen kan een werknemer dus overwerken tot maximaal 131 uur. Dit leidt tot compensatieverlof dat in datzelfde jaar kan worden opgenomen (net als de huidige ADV regeling). Dat verlof dient dan ook te worden toegekend in dezelfde verhouding les- en niet-lesgebonden tijd als overeengekomen in de afspraak, die de werkgever jaarlijks maakt met ieder personeelslid. Daarbij blijft net als nu gelden dat dit niet in strijd mag zijn met het dienstbelang en/of niet mag leiden tot verdringing van werkgelegenheid. Dit betekent dat er ook daadwerkelijk werkzaamheden te vervullen moeten zijn. Oftewel, net als in de huidige situatie kan iemand maximaal 1790 uur worden ingeroosterd als dat ook daadwerkelijk ingevuld wordt met lesgevende dan wel overige taken. Voor deze werknemers hoeft er ten gevolge van de cao-afspraak niets te veranderen, zij het dat het inzichtelijk wordt op basis van de afspraken die jaarlijks worden gemaakt tussen werkgever en werknemer wat de invulling is van de maximaal 1790 uur, waardoor overwerk ontstaat en dus recht op compensatie binnen het schooljaar, tenzij men kiest voor spaarverlof. Voor alle duidelijkheid in deze constructie is er geen basis voor 2 snipperdagen. Alles wat meer wordt ingeroosterd of gewerkt dan 1659 uur in lesuren, lesgebonden uren en overige activiteiten die volgens de CAO binnen de normjaartaak vallen, wordt gecompenseerd in respectievelijk verlof of salaris. Zoals gezegd geldt het voorgaande onder de voorwaarden dat het dienstbelang zich hier niet tegen verzet (er moet ook werk zijn bijvoorbeeld) en/of het mag niet leiden tot verdringing van werkgelegenheid. bron: AOB Artikel Bond KBO (ook over vakantieregelingen en schooltijden). ![]() |
